Posts Tagged 'Netherlands'



Conflicthantering vier manieren

Elk mens komt wel eens in een conflict terecht. Niet leuk, maar niet te vermijden.
Een conflict is meer dan dat je met een ander van mening verschilt.
Want daarnaast luister je niet meer goed naar elkaar, en is het moeilijk om aardig voor de ander te zijn.
Bij een conflict zit het verschil dus ´dieper’.

Een uitleg van het woord conflict:
“Alle verschillen van mening die er zijn tussen personen of groepen met personen. Men is hierbij direct betrokken, of een derde partij hierin”.

Allemaal ellende, zijn conflicten nog ergens goed voor en hoe kom je eruit?
•    Het is je wel duidelijk waar alle betrokkenen voor staan;
•    Je weet  je grenzen. Omdat iemand daar overheen is gegaan, heb je een conflict;
•    Je weet wat je aan wie hebt. Dus nieuwe allianties, maar ook dat je bepaalde mensen niet meer ziet, of niet meer mee samenwerkt.

Vergeet niet:
Wie tegen zijn wil wordt overtuigd, denkt er nog precies hetzelfde over. Een nieuw conflict is dus in de maak.

Zorg dat je goed voor ogen hebt wat je wil, voordat je naar een oplossing werkt.
Dus:
Voorrang voor Eigen belang
•    Als je jouw belangen erg belangrijk vindt;
•    Als je voldoende machtsmiddelen hebt;
•    Als de kans op ‘winnen’groot is.
Voorrang voor het belang van de ander
•    Als de relatie met de ander heel belangrijk is;
•    Als de belan¬gen van de ander ook belang¬rijk zijn;
•    Als de kans op verliezen groot is.

Vier omgangsmanieren

1.    Ontlopen

Je staat onverschillig tegenover de belangen van een ander en die van jezelf. Je maakt je niet druk om de onderlinge rela¬tie, maar ook niet of je zelf wel aan je trekken komt. Je bent er helemaal op gericht om een confrontatie te voorkomen.

2.    Compromis zoeken- samenwerken

Je wil zowel je eigen belangen als die van de ander nastreven. Hiervoor probeer je de argumenten van beide partijen boven tafel te krijgen, misverstanden op te helderen, tegenstellin¬gen duidelijk te maken, en een gezamen¬lijke oplossing te vinden. Dit is een ideale manier van omgaan met meningsverschil¬len, maar er zijn wel ideale omstandighe-den voor nodig.

3.    Toegeven

Je probeert de relatie met de ander goed te houden, zelfs al gaat dat ten koste van je eigen belangen. Hierbij probeer je gemeenschappelijke dingen te benadrukken, en geef je in alles toe.

4.    Doordrukken

Je probeert je eigen belangen door te drukken. Je kunt dit openlijk doen door gebruik van argumenten of zelfs van machts¬middelen. Je kunt dit ook op een subtiele en minder zichtbare manier doen. Erg belangrijk bij dit gedrag zijn een goede timing een aanpak, en een objectieve houding. Doordrukken voor gezamenlijk belang wordt vaker geaccepteerd dan voor je eigen belang.

De volgende keer meer over het ‘hoe’ van deze vier manieren

Wat doe ik ermee
Bij een verschil van mening ging ik er vroeger vaak met ‘gestrekt been in’, dus doordrukken. Hoewel ik dan op korte termijn mijn zin had, kreeg ik het resultaat van gekwetste ego’s vaak naderhand weer terug. En het kostte me veel energie.
Hoewel het nog geen natuurlijke houding is, varieer ik nu tussen het zoeken van compromissen en toegeven. En, ‘toegegeven’, dit kost minder energie en de relaties blijven goed.

ICT tip
Microsoft Excel
Teksten in Excel netjes onder elkaar te krijgen:
kies een veld, typ een tekstregel, toets dan tegelijkertijd de <ALT> en de ENTER- toets aan het einde van elke regel; zo komt alles onder elkaar.

Kennismakingspresentatie. Wie is de mens achter de cursist

Hè nee, weer een voorstellingsrondje”. Die zin heb je wel eens gehoord bij het begin van een bijeenkomst of cursusdag, wanneer een groep onbekenden ‘moet’ vertellen wie ze zijn.
Om te voorkomen dat je plichtmatig iedereen afgaat en men nauwelijks luistert wat de ander zegt probeer dan eens een kennismakingspresentatie.
De cursist kent de materie, immers het gaat over zichzelf. Gericht vertellen wie en wat je bent.
Dat is dus wat anders dan “Hallo ik ben Els en ik woon …”.

Je cursist houdt een presentatie van 1 minuut en vertelt daarin:
•    Wat is mijn functie
•    Wat kenmerkt mij?
•    Waarom ben ik hier?
Twee anderen observeren en geven elk heel kort ( 1 minuut) aan wat zij gehoord en  begrepen hebben.

Tweeledig doel: de cursist oefent voor een groep en krijgt terug wat van zijn presentatie is blijven hangen.

Tijdsduur: 3 minuten per cursist

Wat doe ik ermee
Altijd ben ik nieuwsgierig naar wie de mens achter de cursist is. Maar bij een gewoon kennismakingsrondje krijg ik maar weinig te zien en heeft niet iedereen hetzelfde podium.
Door zo’n korte presentatie zie ik van iedereen eenzelfde basisinfo. En de cursistengroep zit op een speelse wijze gelijk in de training.

ICT tip
Microsoft Word.
Selecteren. Je kunt met je muis een woord, regel- of alineadeel selecteren.
Wanneer je je muis minder wil gebruiken, selecteer je met toetsencombinaties.
Het is een combinatie van twee (of drie toetsen) toetsen.

  • Zorg dat de cursor op de plek staat waar je wil beginnen; dan:
  • De Shift toets en…

•    Selectie letters of woord : pijltje naar rechts ( of links, ligt er aan welke kant je op wil)
•    Selectie woord of woorden: CTRL toets en pijltje naar rechts ( of links, ligt er aan welke kant je op wil)
•    Selectie zin of alinea: END toets ( of Home, ligt er aan welke kant je op wil)
•    Selectie alinea: END toets en dan pijltje naar beneden

Meer Word? Kijk op:

Communicatie Feedback Ontvangen en Geven

em>”Wat je van iemand vindt, kun je naar de Gevonden voorwerpen brengen”.
Tegeltjeswijsheid, maar wel waar.
Want wat heeft de ander aan jouw mening, wanneer je het niet vertelt?
En als je het vertelt, hoe dan?
Feedback dus.

Feedback is een mededeling aan iemand, welke hem informatie geeft over hoe zijn gedrag wordt waargenomen, begrepen of ervaren.
Lange zin.
Korter:
Feedback geef je wanneer de ander hier ontvankelijk voor is.
Tips voor feedback GEVEN

  • Beschrijf de waarneming ( dus NIET wat je interpreteert)
    “IK- boodschap”: Ik zie, ik hoor. Vraag ook: Herken je dat?
  • Beschrijf het effect (waardeoordeel)
    Ik merk, ik voel, ik vind. Vraag ook: kun je je dat voorstellen?
  • Geef aan wat je wil, wenst
    Ik wil, ik wens
  • Afspraken maken ( optioneel)

Aspecten van Feedback

  • Wees concreet en specifiek;
  • Gebruik de IK vorm;

Tips voor Feedback ONTVANGEN

  • Actief Luisteren ( de KLUTS *);
  • Verwerken;
  • Keuze ( dus om er wat mee te doen);
  • Bedanken.

*)Wat is de KLUTS:
Kijken
Luisteren
Uitvragen
Toetsen
Samenvatten
Ook voor deze kluts geldt: raak hem niet kwijt

Valkuilen bij feedback ontvangen:

  • Verdedigen (“Ja maar…”, want dit betekent “Nee, want…”);
  • Verklaren ( daarmee ontken je de boodschap);
  • Persoonlijk oppakken cq. opvatten;
  • Overpakken ( dus: “Nu ik je toch spreek, vorige week zei jij nog…..”).

Zie ook het boek Groepsdynamica door Jan Remmerswaal

Wat doe ik ermee
Zelfs ik ben mens, jawel,  en heb mijn oordeel soms snel klaar. Dan borrelt een irritatie wel eens op. Maar dat voel ik wel aankomen. Dan denk ik aan wat ik ècht waarneem en aan de kluts. Dat brengt me weer tot de essentie en creëert een rustmoment.
De irritatie verdwijnt en het oordeel is weer objectief.

ICT tip
Microsoft Excel
Ben je met een excelsheet bezig en wil je een nieuwe sheet voor je neus:
Toets dan tegelijkertijd de CTRL- toets en de N-toets. Er verschijnt dan een nieuwe sheet,
waarbij de sheet waarin je bezig was, gewoon op de achtergrond open blijft staan.

Meer Excel? Kijk op:

Communicatie Ontvangers en Zenders

Communicatie is het proces van ideeënuitwisseling.

Jij laat iets zien ( in woord, beeld of gebaar) en een ander kijkt.
Communicatie bestaat uit minstens drie delen: de boodschap, de zender en de ontvanger.
De zender en ontvanger wisselen elkaar af.

Ontvanger:
Geeft de zender ruimte voor de boodschap.
Zender:
Verbaal,  20 %van de boodschap.
Dit bestaat uit:
•    Inhoud
•    Structuur
•    Accent
•    Kort & Bondig
Non-verbaal, 80% van de boodschap
Dit bestaat uit:
•    Houding
•    Uitdrukking
•    Gebaren
•    Oogcontact
•    Lichamelijke verzorging
Para-verbaal
•    Stem
Status
•    Hoe kom je over
Met de status kun je ‘spelen’.
Indien je bij een voor jou onbekende groep komt, dan heb je eerst een lage status, want  je bent als gast in andermans ruimte. Gedurende de bijeenkomst/  de training (bijvoorbeeld: je toont je deskundigheid ) maak je je status hoger.

Wees congruent in wat je doet en zegt
Dus de boodschap en houding moet in één lijn zijn.

Wijze van Communiceren
Zender:
Non verbaal
•    Expressie
•    Relatie
•    Appèl (aandacht)
Ontvanger:
Luistert actief:
•    Kijken
•    Luisteren
•    Uitvragen
•    Toetsen
•    Samenvatten
Kortom de KLUTS

Soorten vragen:
•    Gesloten vraag ( Ja of nee?);
•    Suggestieve vraag ( dit is leuk hè?);
•    Retorische vraag ( Dit vindt u toch ook niet?);
•    Reflecterende vraag ( ik begrijp dat jij dit ook zo vindt?).

Wat doe ik ermee
Een cursistengroep verwacht van mij dat ik de expert ben, of in ieder geval hen een eind op weg kan helpen.
Ik wil ze zeker op koers brengen, maar liever nog hen laten merken dat zij zelf veel meer weten dan zij  denken. Zo ben ik zelf ook opgegroeid, met het besef dat ik mijn eigen Wikipedia ben.
Dus bij oefeningen en vragen gebruik ik vaak reflecterende vragen. De vraagsteller graaft dan in zijn eigen geheugen en ervaring en komt dan vaak al met een eigen mooie oplossing.

ICT tip
Microsoft Excel
Wil je in Ecel je gehele werkblad in één keer selecteren toets dan tegelijkertijd:
CTRL- toets en de A- toets

Drie communicatieniveaus PIP

Conflicten ontstaan vaak omdat mensen zich miskent of niet gehoord voelen.
Kijk maar eens om je heen; je hoort veel onvrede.
Niet zozeer dat de wereld zo vreselijk is, maar omdat mensen niet (goed) weten waar ze met hun onvrede terechtkunnen. Of omdat zij vinden dat het te lang duurt voordat gereageerd is op opmerking of klacht.

In overlegsituaties en teams is het dus prettig wanneer communicatielijnen voor iedereen duidelijk zijn. En dat men zich thuis voelt.
Drie communicatieniveaus
PIP
•    Proces
•    Inhoud
•    Procedure
Deze drie dienen in balans te zijn.
Het proces en de procedure zijn op orde, wil je dieper op de inhoud in gaan.
Zorg voor een helicopterview, dan hou je overzicht.
Mensen ‘vechten’ conflicten vaak op inhoudsniveau uit, terwijl het proces en de procedure niet op orde zijn.

Proces ( “Hoe doen we dit samen?)
•    Macht
•    Omgangsvormen
•    Verhoudingen
•    Sfeer
•    Energie
•    Emotie
Inhoud ( het “WAT”)
•    Argumenten
•    Feiten
•    Kennis
•    Standpunten
Procedure (“Structuur”)
•    Voorzitter
•    Notulen
•    Afspraken
•    Agenda
•    Tijd

Zie ook besluitvorming: BOB
Volgende keer: Communicatie Ontvangers en Zenders

Wat doe ik ermee
Hoewel ik een stevige discussie niet uit de weg ga, is het een energievreter en ik schiet er niks mee op. Daarnaast biedt structuur, waar dan ook, een vruchtbare en inspirerende omgeving. Wanneer ik in teams zie dat het ‘samen maken we het’- gevoel op de achtergrond zit, gebruik ik de PIP om uit te vlooien waar zaken voor het team niet duidelijk zijn. Vaak wordt veel gediscussieerd over niet zo relevante zaken; dan blijk dat vaak dat het proces ( hoe zullen we het doen?) en de procedure ( structuur) niet voor alle teamleden er hetzelfde uit te zien. Heb ik deze goed voor ogen, dan gaat de discussie over de essentie: de inhoud.

ICT tip
Microsoft Word
Wil je in een word document iets zoeken, vervangen of ergens naartoe springen ( bij grote documenten), toets dan de F5 toets. Een pop upschermpje verschijnt met deze keuze.

Besluiten nemen BOB

Besluiten nemen is niet altijd een feest.
Het volgende hulpmiddel voor wat houvast:
Om tot een besluit te komen zijn drie fases van belang. Het is een ‘fuik’ (of trechter)model, waar in elke fase een doel wordt bereikt, en je weet wat voor soort mensen in welke fase nodig zijn.
BOB
•    Beeldvorming
•    Oordeelsvorming
•    Besluitvorming
(Theorie van Stemerding)
Fase 1.
Beeldvorming (“Wat is het probleem“)
Doel: Heldere probleemdefinitie verkrijgen
Stel slechts open vragen
•    Zijn er deskundigen aanwezig/ beschikbaar?
•    Hoe te handelen in deze situatie?
•    Is alle informatie op tafel?
Fase 2.
Oordeelsvorming (“Wat is onze mening?”)
Doel: Wat is belangrijk
•    Stel criteria op;
•    Stel prioriteiten;
•    Mogelijke oplossingen.
Fase 3.
Besluitvorming (“Wat doen we?”)
Effectiviteit is Kwaliteit maal Acceptatie (Doel: E = K *A)
•    Toetsen van de oplossing;
•    Wat is de beste oplossing;
•    Uitvoering.

Wie zijn wanneer nodig:
•    In fase 1 zijn de Dromers nodig; zij bedenken (grenzeloze) vergezichten
•    In fase 2 zijn de Denkers nodig; zij halen de vergezichten dichtbij en maken het reëel
•    In fase 3 zijn de Beslissers en de Doeners nodig; zij kiezen het beste en voeren het uit.
Tijdsverdeling:
•    Fase 1. Beeldvorming: 40 %
•    Fase 2. Oordeelsvorming: 40 %
•    Fase 3. Besluitvorming: 20 %
Wanneer de dromers en denkers voldoende ruimte krijgen, zijn de beslissers zo klaar en daar houden ze van. De discussies zijn in fase 1 en 2 geweest.

Volgende keer PIP (communciatieniveaus)
Wat doe ik ermee
Gemotiveerde besluiten, dat vind ik prettig. Een gedragen beslissing samen uitvoeren, dat geeft mij voldoening. Echter wanneer er na een besluit, of wanneer we al bezig zijn, iemand komt met ”ja maar, zouden we niet…”; dan word ik wat bedroefd.
Eigenlijk moeten we dan weer helemaal opnieuw beginnen, want iemand voelt zich tekort gedaan.
Door een goed uitgevoerde BOB- methodiek heeft iedereen ruimte gekregen om zijn talent in het proces te benutten. Dan is iedereen gehoord, en is de kans klein dat men zich nog terugtrekt uit het proces of uit het team stapt.
ICT tip
Kopiëren, knippen en plakken in documenten plaatjes etc.
Je kunt dit doen door een tekst of plaatje te selecteren met je muis en dan op een ikoontje klikken. Maar het kan ook met een toetsencombinatie, dat is net wat sneller:
Steeds twee toetsen tegelijk:
•    Kopiëren: de CTRL toets en de letter C
•    Knippen: de CTRL toets en de letter X
•    Plakken: de CTRL toets en de letter P

Wat is Observeren, een oefening

Vorige week vertelde ik over de achtergronden van Observeren.

In deze blog een oefening met vijf observatievormen
De vormen zijn:
• Gestructureerde observatie;
• Ongestructureerde observatie;
• Next best observation;
• Restricted observation;
• Interactieve observatie.

Verdeel de cursusgroep in tweeën.
Een helft observeert, de andere helft voert een opdracht uit die ongeveer 8 minuten duurt. Wat voor opdracht maakt niet zoveel uit, als men maar als team bezig is ( en natuurlijk gericht op de trainingsvraag).

In de andere helft kiest elke deelnemer een observatiewijze uit, de keuze van observatie is afhankelijk van welk vraag, probleem, oid. je boven tafel wil krijgen.

  1. Gestructureerde observatie. Kijk om de 2 minuten naar de groep en schrijf op wat de te observeren personen in de groep op dat moment doen.
  2. Ongestructureerde observatie Kijk en schrijf op wat je denkt dat belangrijk is in relatie tot je opdracht.
  3. Next best observation Observeer en leg vast wat de persoon doet die reageert op de persoon die je observeert.
  4. Restricted observation Stel van tevoren een lijst op met handelingen of gebeurtenissen die naar jouw mening plaats zullen vinden en turf hoe vaak deze gebeurtenissen daadwerkelijk voorkomen.
  5. Interactieve observatie Neem deel aan de activiteit en schrijf achteraf op wat je is bijgebleven in relatie tot je opdracht. Bij deze laatste stapt dus iemand uit de Observantengroep over naar de opdrachtgroep.
  • De observanten hebben 2 minuten om voor te bereiden.
  • Dan gaat de opdrachtgroep aan de gang en voeren de observanten hun observatie uit.
  • Na de acht minuten vertelt elke observant zijn observatie.

Als resultaat zie je dat alle verschillende observatiewijzes specifieke aspecten uit de groepsopdracht hebben gehaald. Hiermee maak je inzichtelijk dat hetgeen men waarneemt afhankelijk is van de voorbereiding.

Wat doe ik ermee?
Deze oefening gebruik ik wanneer een team wat langer met elkaar werkt. “We weten alles van elkaar”. Deze oefening geeft de cursisten verrassende inzichten in zijn team. En ik vind het leuk om deze verrassing te mogen observeren ( ongestructureerd).

ICT tip
Mircosoft Word
Als je de tekengrootte van geselecteerde tekst wilt wijzigen, druk je op CTRL+] (groter) of CTRL+[ (kleiner).

Observeren vijf vormen

Omgang met elkaar wordt beïnvloed door waarneming.
De manier waarop iemand reageert hangt voor een groot deel af van waarnemingen. Hij observeert en doet dan wat. De zon schijnt en je pakt je zonnebril, of neemt een dag vrij.
Een lange omschrijving van Observeren luidt:
“De doelgerichte en systematische waarneming van gedragingen van één of meerdere personen of van een gebeurtenis, met de bedoeling het waargenomene te beschrijven en samen te vatten.”
Pffff.
Oké, stapje terug:
Waarom observeren we:
•    Het is een hulpmiddel om iemand beter te leren kennen;
•    Het is een hulpmiddel om bepaalde problematiek nader te onderzoeken en zo de achtergronden van het gedrag te achterhalen;
•    Het  kan gebruikt worden als informatieoverdracht naar anderen;
•    Het is een manier om je eigen aanpak te toetsen.

Er zijn vijf generieke vormen van observeren:
•    Gestructureerde observatie;
•    Ongestructureerde observatie;
•    Next best observation;
•    Restricted observation;
•    Interactieve observatie.

Volgende week meer uitleg en een oefening met Observeren
Wat doe ik ermee
Met gericht observeren zien cursisten vaak dingen bij anderen die ze nog nooit hadden opgemerkt.
Ook bij teamgenoten welke zij al lang kennen. Juist omdat zij het zelf ontdekken, blijft die observatie lang bij.

ICT tip
Microsoft Word
Met de functietoets F7 start je de spellingscontrole in Word.

Bemoei- of regietoneel, voorbeeld

Wanneer  tussen teamleden onderling en hun leidinggevende geen vertrouwen is, dan gaat veel energie verloren aan misverstanden, irritaties en andere performanceverlagende ‘grollen’.
Tijdens een teambuildtraining kan dan, als onderdeel van het kweken van begrip voor elkaars positie, een bemoeitoneeloefening plaatsvinden.

Soms past het in zo’n training om situaties uit te beelden.  Geen rollenspel, dat kan averechts werken in een instabiele teamsituatie. Rollenspel kunnen namelijk soms verschrikte reacties oproepen, en dat kun je op zo’n moment niet gebruiken. Bemoeitoneel zet iets in beweging.  Het brengt discussies op gang zodat  een andere manier van werken gaat leven. Zo kan vertrouwen herwonnen worden. En daarbij komen zowel voor- als nadelen aan bod.

Zie de blog van vorige week over wat achtergronden van bemoeitoneel.

Bemoeitoneel:
Alles dat je nodig hebt zijn twee personen (acteurs) die de werksituatie naspelen.
De cursisten zijn actief betrokken maar ‘spelen’ zelf niet mee.
De eerste keer wordt de situatie in zijn geheel gespeeld. Deze situatie escaleert.
De tweede keer dat de situatie wordt gespeeld, mogen de cursisten op een van tevoren bepaalde acteur,  ingrijpen.
Zij geven tijdens het naspelen aan wat die acteur moet zeggen. De acteur gebruikt deze aanwijzing en volgt deze indien mogelijk zo letterlijk mogelijk op. De cursist leert hoe hij/zij een  situatie kan sturen, en hoe hij/ zij duidelijk kan formuleren om een verandering te bewerkstelligen. Deze observatie kan de cursist gebruiken in de werksituatie.
Ter voorbereiding maak je, in overleg met de klant, een script. Dit is gebaseerd op informatie uit de werkwereld van het team. Het dient herkenbaar te zijn, met ruimte voor humor en herkenning.

Hieronder een voorbeeldscript bij een sportclub, waar het bestuur en team niet dezelfde taal spreken.. Zo’n soort situatie heeft iedereen wel eens meegemaakt waarbij twee mensen langs elkaar heen praten.
Leider jeugdteam (L) – Bestuur (B)

Gesprek vindt plaats tussen een bestuurslid en een leidinggevende, net na of tijdens een vergadering.

B:    We hebben namens het bestuur besloten dat jullie hier volgende week na het kampioensfeest niet kunnen overnachten in verband met de ontbrekende brandpreventiemiddelen.
L:     Ja, wat is dat nou voor een gezeik. We hebben het de vorige keer toch ook gewoon gedaan?
B:    Ik kan me je reactie voorstellen, maar we hebben het er in het bestuur nog eens over gehad en we vinden het toch geen veilig idee.
L:    Wat weet jíj nou van overnachtingen in het clubgebouw? We stoken echt geen barbecue binnen, hoor.
B:    Dat doet er niet toe. Het clubgebouw voldoet niet aan de veiligheidsvoorschriften en wij zijn verantwoordelijk voor ieders veiligheid, dus er wordt niet overnacht. En daarmee basta.
L:      Ja zeg, wat een gezeik altijd! Van het vorige bestuur had het wel gemogen.
B:    Ja, daarom is dat bestuur ook weg.
L:     Helaas wel ja. En waar moeten we nu naar toe? Bij jouw in je achtertuin ofzo?
B:    Ja, ho eens. Ík kan er niets aan doen dat jullie pas zo laat je overnachtingen regelen!
L:     Zo láát?! We hebben het vorige week al aangekaart! Jullie zijn gewoon een stelletje zeikers.
B:    Vorige week is dus te laat hè! Dat zie je maar weer. De afspraak hieromtrent is duidelijk.
Afspraak is afspraak. Einde discussie!
L:     Je bekijkt het maar! Wij gaan hier gewoon overnachten volgende week. En we laten ons niet door jou of wie dan ook tegen houden. Anders kom je maar mooi zelf tegen de kinderen vertellen dat we door jullie muggenzifterij het weekend niet door kunnen laten gaan!
L loopt kwaad en mopperend weg.

Wanneer het script nog eens wordt gevolgd, kunnen je cursisten ingrijpen op het jeugdteamlid. Dus bijv. bij de eerste, ipv. “Ja zeg, wat een gezeik altijd…”, “Hoe kunnen het dan wel doen?”. De ander, Bestuurslid, zal dan wat anders zeggen, waardoor de situatie beheersbaar blijft.

  • Je cursisten zien dan veranderend gedrag, zonder dat ze zelf moeten deelnemen aan de discussie.
  • De acteurs leiden de discussie, en geven feedback. De trainer blijft op de achtergrond en observeert.

Wat doe ik ermee

Één levende situatie zegt meer dan 10 sheets. Cursisten zien voor hun neus een situatie kantelen, de acteurs leiden na de gespeelde situatie de discussie achteraf. En geven aan wat zij vonden van de suggesties bij de ingrepen.
Ik kan observeren en waar nodig aanvullen en terugkoppelen naar eerdere trainingsonderdelen. Daarnaast kan ik de veranderingen reguleren en het contact met de acteurs houden, op haalbaarheid van de aanwijzingen/ veranderingen van het publiek
Ik laat bemoeitoneel altijd een onderdeel zijn van een cursus, dus geen op zichzelf staand dagdeel. Dat blijft niet hangen.

ICT tip
Voor Microsoftgebruikers die Windows 7 gebruiken:
Een site die je vaak gebruikt kun je aan de taakbalk onderin je scherm vastmaken. Zo maak je een snelkoppeling van een site.
Hoe:
Open in je Internet Explorer de gewenste site.
Klik dan op het tabblad en sleep dit tabblad naar je taakbalk. Een klein icoontje van die site verschijnt en blijft daar, ook als je de browser afsluit.
Weghalen: klik rechts op het icoontje en klik op de tekst: “Dit programma losmaken van de taakbalk”.

Bemoei- of regietoneel, wat is dat?

Iedere cursusgroep is anders. Soms past het in training om situaties uit te beelden; je kunt dan kiezen voor een rollenspel.
Maar rollenspelen roepen soms verschrikte reacties op. En àls je cursisten dan meedoen, letten ze meer op het toneelspel dan op het doel:  wat zie je en wat doet het met je?

Bemoeitoneel
Bemoeitoneel, ook wel regietoneel genoemd, biedt (een) uitkomst.
Alles wat je nodig hebt zijn twee personen, acteurs, die de werksituatie naspelen.
De cursisten zijn actief betrokken maar ‘spelen’ zelf niet mee.

  1. De eerste keer wordt de werksituatie in zijn geheel gespeeld. Deze situatie escaleert.
  2. De tweede keer dat de situatie wordt gespeeld mogen de cursisten op een van te voren bepaalde acteur ingrijpen.

Je cursisten geven tijdens tweede keer spelen aan wat die acteur moet zeggen. De acteur gebruikt deze aanwijzing en volgt de aanwijzing, indien mogelijk, letterlijk op.
En de cursist leert hoe hij/zij een  situatie kan sturen en hoe hij/ zij een verandering goed onder woorden brengt. Deze observatie kan de cursist gebruiken in de werksituatie.

Wat doe ik ermee
Op de basisschool vond ik toneelstukjes doen leuk. Maar op scoutingkampen wilde ik op de bonte avond bij het kampvuur gewoon kijken naar het knetterende vuurtje. En niet meedoen met vrijwillig verplichte ‘leuke’ dingen. Dat was vooral leuk voor anderen. Dat gevoel kwam terug toen ik trainingen volgde, dus dat moest anders. Bemoeitoneel gaf mij inzicht en plezier, waarbij de situaties en ervaringen bijbleven.

ICT tip
Voor Microsoftgebruikers:
De sneltoets voor help is de F1 toets. In welk scherm/ venster/ window je ook bent, toets je de F1 toets; dan verschijnt het helpscherm.
Dat geeft uitleg over het scherm waar je op dat moment bent. Dit geldt ook voor het bureaublad.


Pontrain zastáva živé tréningy skupinovej dynamiky a teambuildingu a koučing začínajúcich podnikateľov: čo teraz!. Blog Pontrainu ponúka argumenty z oblasti koučingu a skupinovej dynamiky. Pontrain sa chce deliť o poznatky, prezentovať dojmy a prispieť k inovovaniu a vylepšovaniu metodík. Každý blog hovorí o jednej téme, čo s ňou robí Pontrain a čo môžete urobiť vy.

Linkedin

Twitter

Facebook

Website Pontrain.nl


<span>%d</span> blogerom sa páči toto: